Seksueel grensoverschrijdend gedrag in het onderwijs
Seksueel grensoverschrijdend gedrag (sgg) in het algemeen staat in toenemende mate in de belangstelling. Uit cijfers van de vertrouwensinspecteurs van de Inspectie van het Onderwijs over de jaren 2020/2021 blijkt dat in het onderwijs het aandeel meldingen van sgg door een met taken belast persoon (tbp)1 richting leerlingen en studenten toeneemt. De oorzaak van de geconstateerde stijging in het aandeel sgg-incidenten door tbp’s richting leerlingen is nog onbekend. Dit rapport geeft meer inzicht in de omstandigheden en oorzaken van seksueel grensoverschrijdend gedrag door met taken belaste personen in het onderwijs.
Resultaten
De geïnterviewden van alle schoolsectoren konden moeilijk inschatten of leerlingen een melding zouden doen. Ze gaven wel aan dat onder andere schaamte en angst voor consequenties belemmerende factoren zijn. Verder werd aangegeven dat leerlingen zich soms niet bewust zijn van de grens tussen geaccepteerd en grensoverschrijdend gedrag, waardoor zij een sgg-incident wellicht niet melden, omdat zij het niet als zodanig ervaren.
Uit interviews bleek ook dat degene bij wie de eerste melding wordt gedaan voornamelijk afhankelijk is van de vertrouwensband. Vaak is een leerkracht of mentor het eerste aanspreekpunt. Als eerste stap na de initiële melding wordt vaak in gesprek gegaan met de leerling om de verdere te ondernemen stappen te bespreken. Afhankelijk van de leeftijd van de leerling en de aard van de klacht wordt besloten of ouders wel of niet worden betrokken. Verder wordt overlegd met verschillende professionals over de vervolgstappen. Deze stappen zijn afhankelijk van de ernst van de situatie. Strafbare feiten worden altijd gemeld bij de directie, waarna het bestuur betrokken wordt.
Aanbevelingen
Op basis van de opgehaalde gegevens zijn verschillende aanbevelingen geformuleerd. In het kader van de probleemanalyses is aanbevolen specifiek aandacht te besteden aan veiligheidsmonitoren en daar waar mogelijk in verschillende onderzoeken met eenduidige omschrijvingen en vraagstellingen te werken. De uitbreiding van de overlegplicht voor meerderjarige studenten zou daarnaast meer zicht kunnen geven op incidenten die worden ontvangen door de inspectie van het onderwijs.
In het kader van het inzicht in de keten wordt aanbevolen meer bekendheid te geven aan publicaties waarin scholen informatie kunnen vinden over hoe te handelen bij (vermoedens van) sgg. Nadere scholing van personeel omtrent dit onderwerp zou kennis over handelen bij (meldingen van) seksueel grensoverschrijdend gedrag tevens kunnen stimuleren.
In het kader van oorzaken seksueel grensoverschrijdend gedrag wordt aanbevolen verdiepend inzicht te krijgen in de persoonlijk en mogelijk beïnvloedbare risicofactoren op het gebied van daderschap. Een element dat zowel als risicofactor, maar tevens als beschermende factor naar voren kwam, was de relatie tussen de leerkracht en de leerling. Zodoende verdient het de aanbeveling zicht te houden op de contradictie van wenselijke professionele afstand tussen leerling en leerkracht, zonder hierbij afbreuk te doen aan de vertrouwensband, die ook van groot belang is.
In het kader van effectieve maatregelen en interventies wordt aanbevolen meer zicht te krijgen op het arbeidsverleden van docenten middels de invoering van de vergewisplicht. Interventies gericht op preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag zijn nog minimaal onderzocht op effectiviteit. Best practices zijn genoemd die toegepast kunnen worden in de praktijk, als eerste aanzet voor preventie.
In het kader van vervolgonderzoek zou nader ingezet kunnen worden op vergroting van de sample om zo een representatief beeld te krijgen. Daar waar meldingen en de evaluatie van het beleid veelal op bestuursniveau worden toegepast, verdient het de aanbeveling om deze doelgroep ook te betrekken bij nader onderzoek.


